Publicatiedatum

juni 2017

ISBN

978-94-92339-32-4

 21,00

De zwarte trilogie

Auteur: Stefaan van den Bremt Emile Verhaeren

Tussen 1887 en 1890 schreef Emile Verhaeren drie bundels die later zijn ‘trilogie noire’ zouden vormen: Les Soirs, Les Débâcles en Les Flambeaux noirs. De inhoud wordt gekenmerkt door pessimisme en confrontatie en is daarmee karakteristiek voor het fin de siècle. Sterk geïnspireerd door de filosofie van Schopenhauer zocht de kunstenaar in deze periode het lijden op om zo tot zelfkennis en ascese te komen.

In Avonden bevindt de dichter zich in een schemertijd, een duisternis waar ook de dood onmiskenbaar in rondwaart. Dat geestelijke lijden vervult hem in Aftochten, omdat de woede om het eigen lichaam en het verleden hem onverbiddelijk confronteert met de toekomst en het bestaan. Daarmee is het vuur van de Zwarte fakkels uitgedoofd, al geven ze hier en daar nog vonken in een wereld die volledig zwart is geblakerd.

De vertaling van deze onmisbare werken is opnieuw van de hand van Stefaan van den Bremt, het verhelderende nawoord komt van Christian Berg.

Knipsel

De wapens van de avond

Nog voor de koude nacht met stapelwolken bouwt
Boven de hoge wouden trapsgewijze zijn terrassen,
Werpt de avond voor hij sterft, de avond in moerassen
Zijn zwaard als bliksemschicht, zijn harnas van goud,

Die drijvend op de drift, voortdrijven naar de verte,
En amper nog geroerd door ondergaande pracht,
Maar al bijna gezoend door een lip van de nacht,
Die van de vrome maan met voorhoofd van zilver,

De eenzame waarin het daglicht naschemert,
En waarin heel de hemel als een helder vaandel
Naschemert, maan, in schemer nabestaande,
Gij, eeuwig verre, bleke, schemerende maan!

Over de auteur

De Franstalige dichter Emile Verhaeren (1855 -1916) is een naam in de wereldliteratuur. Zijn vernieuwende poëzie en zijn kunstessays maakten hem tot dé vertolker van het literaire, artistieke en sociale leven van de jaren 1900. Hij stond bekend als een boegbeeld van de symbolistische stroming, maar door zijn sociale en humanistische opvattingen gaf hij er een heel aparte invulling aan. Hij was de dichter van de ‘tentaculaire’ grootstad, maar tevens de heraut van het vooruitgangsoptimisme. Hij schreef ontroerende liefdesgedichten en wijdde een vijfdelige cyclus aan zijn Vlaamse vaderland. Reeds bij zijn leven genoot hij Europese roem: hij maakte literaire tournees door Duitsland en Rusland en werd een aantal keren voorgedragen voor de Nobelprijs literatuur. Hij was nauw bevriend met schrijvers en kunstenaars als Van Rysselberghe, Signac, Rodin, Ensor, Gide, Rilke, Zweig… Deze laatste roemde hem als één van de grote dichters van zijn tijd.

Recensies

Er zijn nog geen reviews.